Vrije Formule Klasse

“De feedback voel je vanuit je kont. Als je dit gereden hebt, wil je nooit meer wat anders,” stelt Dan Gouweloos, die in de Vrije Formule Klasse een belangrijke rol speelt op het gebied van onderdelenvoorziening. Lachend vult hij zichzelf aan: “Met een beetje postuur stap je er bont en blauw uit, wat bij de sensatie hoort. Verder geldt van oudsher het spreekwoord dat een echte racewagen een open dak heeft.”

Met gemiddeld tien deelnemers betreft het een relatief kleinschalige klasse, maar wel de meest internationale binnen de DNR T. “Er doen rijders mee uit Nederland, België, Duitsland, Engeland en soms komen er jongens uit Frankrijk aanwaaien, allemaal met zeer uiteenlopende achtergronden. Blijkbaar wist de formulewagenliefde alle sociaal-maatschappelijke verschillen uit. Onderling helpen we elkaar om de auto’s draaiende te houden, want zonder tegenstanders kun je immers geen strijd leveren. Via contacten overal ter wereld regelen we onderdelen en als het moet maken we ze zelf. Overigens levert dat netwerk ook interesse op van nieuwe deelnemers, waarmee we hopen dat het lukt om het veld wat uit te breiden.”

Qua toelatingseisen doet de Vrije Formule Klasse zijn naam eer aan. “Mits je de geluidsnormen van het circuit in kwestie niet overschrijdt mag je je in principe met alles tot en met een Formule 3 inschrijven, ongeacht de leeftijd van de auto,” licht Gouweloos toe. “Wel binnen het redelijke, natuurlijk; je moet niet een V8 in een Formule Ford gaan lepelen. De prestaties laten duidelijke verschillen zien, maar dat zit ook in de mate waarin je met je eigen auto overweg kunt. Een model met grondeffect vergt veel lef, zo’n machine moet je heel hard de bocht in jagen om van de downforce te profiteren en dat betekent een grote stap zetten, tegen je natuur in.” F3’s, Formule Fords, Renaults, Volkswagens en allerlei exoten uit het recente of verre verleden, je komt ze tegen in deze bijzondere serie, waarin rondetijden tussen de 1:41 en 2:00 minuten de normaalste zaak van de wereld vormen. “Je strijdt tegen je directe concurrent met gelijkwaardig of liefst iets sneller materiaal, daarin zit de uitdaging.” Gouweloos geeft aan dat een formulewagen niet de hoofdprijs hoeft te kosten. “Als er ergens een typespecifieke cup omheen gebouwd wordt, zie je de waardes omhoogschieten, maar er zijn genoeg minder courante modellen te vinden die soms in een schuur staan te verstoffen.

Zoek vooral wereldwijd, dan kom je best eens wat geks tegen. Weeg wel goed de pro’s en contra’s tegen elkaar af, zoals de onderdelenvoorziening.

Sta je eenmaal bij ons aan de start, dan kost een seizoen zonder schade of technische problemen gemiddeld slechts zo’n 3000 euro.”